Negerkreek zet gemeenschapsbos in voor ontwikkeling

09-09-2019

De gemeenschap van Negerkreek heeft het gemeenschapsbos groot 3640 hectare, dat de overheid aan haar toegewezen heeft, ingezet voor de ontwikkeling van het dorp. Het dorp werd tijdens de Binnenlandse Oorlog zwaar getroffen en lag er geruime tijd verwaarloosd bij. Het dorp dat nu geen traditioneel gezag heeft, kent wel een dorpsbestuur. Dat bestuur heeft samen met de dorpelingen besloten om een houtonderneming op contractbasis toegang te verschaffen tot het gemeenschapsbos. Zowel het contract als de regelingen betreffende het gemeenschapsbos, verplichten het bedrijf een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van het dorp.

De plaatselijke gemeenschap heeft op dinsdag 3 september een contract ondertekend met de onderneming Promansol. Jhonny Jete tekende als voorzitter van de overheidscommissie, namens de dorpsgemeenschap, terwijl de samenwerkende ondernemers Jowy Essed en Byron Biswan allebei hebben getekend namens Promansol. De ondertekening vond plaats onder toezicht van het Directoraat Duurzame Ontwikkeling Afro-Surinamers Binnenland (DDOAS). De DDOAS-delegatie werd geleid door Monique Pintoe, onderdirecteur Gemeenschapsontwikkeling DDOAS.

Voor het beheer en de controle van de activiteiten in de gemeenschapsbossen, is er een overheidscommissie ingesteld. Monique Pintoe, onderdirecteur Gemeenschapsontwikkeling DDOAS, legt uit dat er geen dorpscommissie ingesteld kon worden zoals bij sommige andere dorpen het geval is, omdat de bewoners die tot nu toe teruggekeerd zijn naar het dorp, allemaal uit één familie komen. Ze zegt dat met het instellen van een overheidscommissie, eventuele problemen in de toekomst, wanneer andere vertrokken dorpelingen terugkeren, voorkomen kunnen worden. De commissie bestaat uit vijf personen, waaronder twee dorpelingen.

Bij diverse consultatievergaderingen met de gemeenschap heeft DDOAS de te volgen procedure met de gemeenschap besproken, waarna deze is aangenomen. Op de dag van de ondertekening hebben beide directieleden van Promansol het contract getekend, omdat het

hierbij gaat om co-partners binnen deze onderneming. Gewoonlijk tekent slecht één persoon van de onderneming het contract met de gemeenschap. Verder heeft op de dag van de onderteking ook de voorzitter van de overheidscommissie het contract getekend. Ook de directeur van DDOAS, Wensley Misidjan, zal op een later tijdstip zijn handtekening onder het document plaatsen.

Pintoe heeft bij de ondertekening van het contract opnieuw de nadruk gelegd op de procedures en regels met betrekking tot de commercialisering van het gemeenschapsbos. Nog op de dag van de ondertekening heeft DDOAS de aanwezige dorpelingen gevraagd of er bezwaar tegen was dat de onderneming Promansol aan commercialisering zal doen in het gemeenschapsbos. De gemeenschap gaf unaniem aan geen bezwaar te hebben. Pintoe hoopt dat met deze samenwerking er binnen een periode van een jaar, al een krutu oso of een recreatiezaal voor het dorp gebouwd kan worden.

Essed zei, mede namens zijn compagnon, ingenomen te zijn met de mogelijkheid om in het gemeenschapsbos van Negerkreek te werken. Hij gaf de garantie dat Promansol conform de afspraken zal werken en niet zal aarzelen de bijdrage aan het dorpsfonds af te dragen zoals is bepaald. De ondernemers hebben volgens afspraak ook al geïnvesteerd in het dorp. Ter bevordering van de Corporate Social Responsibility, hebben zij SRD 20.000 gestort voor het dorp. Het geld is vooralsnog onder toezicht van het ministerie van Regionale Ontwikkeling en kan pas worden ingezet als daarvoor een project is goedgekeurd. Daarnaast is het bedrijf gehouden aan de afspraken die zijn vastgelegd in het contract alsook aan de financiële verplichtingen zoals die gelden voor alle andere ondernemingen die commercieel hout winnen in gemeenschapsbossen.